Klacht over een waarschuwing, het lik-op-stuk beleid van de school, veiligheid, het bieden van passende ondersteuning en schorsing en verwijdering. Klacht deels gegrond, deels ongegrond.
De situatie
De leerling is ex-leerling van de school. Op deze school had de leerling de nodige ondersteuning en begeleiding nodig. In de loop van de tijd hebben zich incidenten met de leerling voorgedaan. In december 2024 heeft zich op de school een incident voorgedaan, waarbij aan de leerling is gevraagd om een handtekening onder een officiële waarschuwing te zetten. Over de officiële waarschuwing, als het vragen om een handtekening van de leerling, is tussen klagers en de school een discussie ontstaan. Kort nadien heeft de school aangegeven handelingsverlegen te zijn jegens de leerling.
Oordeel Commissie
De klacht ten aanzien van de officiële waarschuwing is gegrond, omdat een uitgebreidere motivering de klacht van klagers had kunnen voorkomen. De klacht over het zogenaamde lik-op-stuk beleid van de school is ongegrond. De klacht met betrekking tot het veiligheidsincident is ongegrond. De klacht over het bieden van passende ondersteuning is ongegrond. De klacht ten aanzien van de schorsing en verwijdering is ongegrond.
Tegenstrijdige visies
Over het lik-op-stuk beleid, het bieden van passende ondersteuning en het veiligheidsincident verschillen partijen van mening. De Commissie kan om die reden niet vaststellen of er sprake is van gehanteerd lik-op-stuk beleid, de school in gebreke is gebleven in het bieden van passende ondersteuning en of er een veiligheidsincident heeft plaatsgevonden.
Schorsing en verwijdering
De Commissie acht het voorstelbaar dat klagers en de school op enig moment in een positie zijn gekomen dat samenwerking en een goede onderlinge communicatie niet meer mogelijk was. Dit mag niet ten koste van de leerling gaan en zijn onderwijsbehoefte.